MENU

e. Indien de aankondiging van het verlopen van de termijn van het grafrecht overeenkomstig artikel 16 bij het graf en bij de ingang van de begraafplaats aangeplakt is geweest en de rechthebbende gedurende die periode niet heeft gereageerd;

f. Overeenkomstig artikel 30, indien de rechthebbende het onderhoud van het grafteken of aanplanting verwaarloost en na sommatie weigert hierin te voorzien of nalatig blijft de herstelkosten te voldoen;

 V. INDELING VAN DE BEGRAAFPLAATS EN ONDERSCHEID VAN DE GRAVEN.

Indeling door bestuur:

Artikel 21.
Het bestuur behoudt zich het recht voor de aanleg en de indeling van de begraafplaats en het onderscheid in graven vast te stellen en te wijzigen.

Soorten van graven:

Artikel 22.

1 Het bestuur kan grafrechten verlenen ten aanzien van:

a. Een enkel- breed graf.

b. Een kindergraf.

c. Een graf bestemd voor begraving of bewaring van een asbus.

2. Op het gedeelte van de begraafplaats dat is aangewezen voor begraving of bewaring van asbussen, worden alleen grafrechten gevestigd voor de graven bedoeld onder artikel 22 1.a.

3. De voorwaarden waaraan graftekens en beplanting van de graven dienen te voldoen zijn voorzien in artikel 30.

Enkel – breed graf:

Artikel 23.
In een enkel breed graf, dat niet dubbel- diep gedolven is, mag indien mogelijk bijzetting plaatsvinden van asbussen of urnen.

Kindergraf:

Artikel 24.
In een kindergraf wordt een overleden kind begraven dat niet ouder was dan 12 jaar.

Urnen:

Artikel 25.

1. Onder het begraven van een overledene dient mede te worden verstaan het begraven van een urn in een graf.

2. Indien in een graf reeds het daartoe bestemde aantal overledenen is begraven kunnen, op verzoek van de rechthebbende en na toestemming van het bestuur urnen worden bijgezet.

3. Een asbus dient op een diepte van 50 centimeter te worden bijgezet.

Grafkelders:

Artikel 26.
Grafkelders worden op de begraafplaats niet toegestaan, tenzij reeds aanwezig.

 VI ASBUSSEN.

Bewaring van asbussen:

Artikel 27.
Asbussen kunnen op de begraafplaats worden bewaard door bijzetting in een bestaand graf.

Recht op het bewaren van een asbus:

Artikel 28.
De artikelen 9 t/m 17 zijn van overeenkomstige toepassing voor degenen die en recht willen vestigen op het bewaren van een asbus op de begraafplaats zoals in artikel 27 genoemde wijzen.

Ruimen van asbussen:

Artikel 29.
Ruiming van een asbus na het vervallen van het recht op bewaren van de asbus geschiedt door verstrooiing van de as, tenzij door de rechthebbende een andere wijze waarin de wet voorziet is aangegeven en hij de kosten daarvan draagt.

 VII GRAFTEKENS EN GRAFBEPLANTINGEN.

Artikel 30.

1. De rechthebbende kan op het graf een grafteken of beplanting doen aanbrengen. Hierbij gelden de volgende voorwaarden:

a. Graftekens en grafbeplantingen mogen de grenzen van het graf niet te buiten gaan.

b. Graftekens op het gedeelte van de begraafplaats, waar de rechthebbende een grafteken naar eigen keuze kan laten plaatsen, dienen deugdelijk te worden gefundeerd(paalfundering) en mogen een max. hoogte van 1,20 meter niet overschrijden.

2. Graftekens en/of beplantingen, die naar het oordeel van het bestuur niet aan boven- vermelde voorwaarden voldoen, kunnen na aangebracht te zijn door het bestuur op kosten van de rechthebbende worden verwijderd.

Risico schade aan graftekens:

Artikel 31.
De graftekens zijn eigendom van de rechthebbende. Het bestuur aanvaardt deze graftekens niet in beheer. Het bestuur is niet verantwoordelijk voor de voorwerpen, die zich op de graven bevinden. Voor schade aan graftekens en/of aan voorwerpen op de graven door welke oorzaak dan ook, stelt het bestuur zich uitsluitend aansprakelijk voor zover deze risico’s door de aansprakelijkheidsverzekering van het bestuur zijn gedekt.

Onderhoud graftekens en grafbeplantingen:

Artikel 32.

1. De graftekens en grafbeplantingen moeten ter goedkeuring worden onderhouden door de rechthebbende. Onder behoorlijk onderhoud wordt mede verstaan het doen herstellen, vernieuwen of waterpas stellen van de graftekens en/of beplanting.

2. Wanneer naar het oordeel van het bestuur het onderhoud word verwaarloosd, zal de rechthebbende schriftelijk worden gesommeerd dit herstel of onderhoud te doen plaatsvinden. Afschrift van deze sommatie wordt, als rechthebbende onbereikbaar is, bij het graf en bij de uitgang van de begraafplaats aangeplakt. Na een jaar is het bestuur gerechtigd ofwel het omschreven herstel of onderhoud op kosten van de rechthebbende te doen plaatsvinden ofwel het grafteken en/of beplantingen op kosten van de rechthebbende te doen verwijderen. Wanneer rechthebbende verklaart deze kosten voor herstel, onderhoud of verwijdering niet te willen voldoen of wanneer rechthebbende deze kosten na uitvoering niet binnen drie maanden na factuurdatum aan het bestuur heeft voldaan of wanneer rechthebbende in genen dele heeft gereageerd op de sommatie vervalt het grafrecht zonder dat een evenredige terugbetaling kan worden verlangd.

3. De aangeplakte sommatie wordt eerst verwijderd indien de rechthebbende in het onderhoud heeft voorzien of het grafrecht is vervallen.

Plaatsen, verwijderen, herplaatsen van een grafteken door rechthebbende:

Artikel 33. Opdracht tot het plaatsen van een grafteken, tot verwijderen van een grafteken voor bijzetting en tot het herplaatsen daarvan na een bijzetting moet worden gegeven door de rechthebbende. Wanneer een verwijderd grafteken zich op de begraafplaats bevindt en niet binnen drie maanden na bijzetting wordt herplaats, is het bestuur gerechtigd de delen daarvan van de begraafplaats te doen verwijderen en te doen vernietigen op kosten van de rechthebbende.

Tijdelijke verwijdering grafteken door beheerder:

Artikel 34.

1. Indien het vanwege het beheer van de begraafplaats naar oordeel van de beheerder nodig is kunnen het grafteken en/of beplanting van het graf van een rechthebbende op last van en op rekening van het bestuur worden weggenomen en kan op het graf tijdelijk zand worden gedeponeerd. De rechthebbende wordt hiervan in kennis gesteld.

2. Verwelkte bloemen en ontsierende voorwerpen kunnen door de beheerder zonder voorafgaande waarschuwing van de graven worden verwijderd.

Verwijdering graftekens na einde grafrecht:

Artikel 35.
Na verloop van een termijn van drie maanden na het eindigen van het grafrecht kan de beplanting en/of het grafteken van een graf verwijderd en vernietigd worden. Dit verwijderen en vernietigen vindt bij uitsluiting plaats door de zorg van het bestuur. Na verloop van genoemde termijn wordt de rechthebbende geacht afstand te hebben gedaan van zijn eigenaarsrechten op grafteken en/of beplanting. Indien een rechthebbende na einde van het grafrecht, doch voor verwijderen van het grafteken ten overstaan van het bestuur aangeeft over het grafteken te willen blijven beschikken wordt grafteken na verwijdering op kosten van de rechthebbende naar een door hem aan te wijzen plaats vervoerd. Eventuele schade aan het grafteken bij verwijdering en/of het vervoer zijn voor risico van de rechthebbende.

 VIII TARIEVEN EN ONDERHOUD.

Tarieven.

Artikel 36.

1. Voor het vestigen en verlengen van een grafrecht en voor bijzettingen worden tarieven geheven.

2. Het tarief voor het grafrecht heeft uitsluitend betrekking op de huur van de grafruimte voor de duur van het grafrecht.

3. Het bestuur stelt een afzonderlijke lijst op van de voor de begraafplaats geldende tarieven. Indien dit naar oordeel van het bestuur nodig is, worden de tarieven aangepast.

4. De kosten van de grafdelver en eventuele andere bijzondere kosten verbonden aan de begraving of de bijzetting worden aan de rechthebbende afzonderlijk in rekening gebracht, door de verleners van de betreffende dienst.

Algemeen onderhoud:

Artikel 37.

1. Het bestuur zal zorgdragen dat de afrasteringen, de gebouwen, de paden, de groenvoorziening en de beplanting van de begraafplaats worden onderhouden.

2. Na sluiting of gesloten verklaring van de begraafplaats is het bestuur gehouden in het onderhoud van de begraafplaats te voorzien, tenzij anderen op basis van de dan ontstane situatie daarin zullen voorzien.

Ruimen van graven en asbussen:

Artikel 38.
Het bestuur heeft het recht de graven en de bewaarde asbussen, waarvan de grafrechten met meer dan drie maanden vervallen zijn, te doen ruimen, met inachtneming van de wettelijke termijn en het overigens bij of krachtens de wet op de lijkbezorging bepaalde.

 IX OVERGANGSBEPALING.

Artikel 39.

1. Indien de tijdsduur, die in het verleden aan een grafrecht was verbonden, niet meer aantoonbaar is vast te stellen, wordt deze bij het van kracht worden van dit reglement ambtshalve vastgesteld op 10 jaren. Over deze periode is geen grafrecht verschuldigd.

2. Een grafrecht, voor de datum van in werking treden van dit reglement verleend voor onbepaalde tijd ( zogenaamd eeuwigdurend grafrecht) geldt uitsluitend ten behoeve van persoon dan wel personen ten behoeve van wie dit recht persoonlijk is verleend en levert geen grafrecht op ten behoeve van enig ander familielid. Op verzoek van een familielid kan het bestuur een grafrecht verlenen ten behoeve van verzoeker of andere familieleden, indien in hetgraf nog bijzetting kan plaatsvinden, dan we grond van tijd die verstreken is sedert de laatste bijzet opnieuw een bijzetting in het betreffende graf kan plaatsvinden. Op dit nieuw verleende grafrecht zijn al bepalingen van dit reglement onverkort van toepassing. Bij eindigen van dit grafrecht, blijft oorspronkelijk voor onbepaalde tijd verleende grafrecht bestaan.

3. Op een grafrecht, voor de datum van in werking treden van dit reglement voor onbepaalde tijd verleend, zijn alle bepalingen van dit reglement onverkort van toepassing, met dien verstande, dat er geen verlenging van het grafrecht door rechthebbende behoeft te worden aangevraagd en dat geen grafrecht verschuldigd is.

 X SLOTBEPALINGEN.

Sluiting van de begraafplaats:

Artikel 40.
Het bestuur behoudt zich het recht voor de begraafplaats voor begravingen en voor het bijzetten van asbussen te sluiten of gesloten te doen verklaren. Het bestuur is niet aansprakelijk voor opgravings- en overplaatsingskosten van resten en/of graftekens naar een andere begraafplaats.

Klachten:

Artikel 41.
Belanghebbenden kunnen omtrent feitelijke handelingen betreffende de begraafplaats bij het bestuur een schriftelijke klacht indienen. Het bestuur zal binnen 30 dagen na ontvangst van de klacht beslissen en de klager daarvan in kennis stellen.

Onvoorzien:

Artikel 42.
Voor de begraafplaats gelden de bepalingen van de wet op de lijkbezorging en aanverwante regelingen. Dit reglement wordt geacht daarmee niet in strijd te zijn. In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet beslist het bestuur.

Vervallen- verklaring eerdere voorschriften:

Artikel 43.
Het bestuur herroept met ingang van de datum waarop dit reglement in werking treedt, eerdere voorschriften de begraafplaats betreffende en stelt dit reglement daarvoor in de plaats.

Wijziging reglement:

Artikel 44.
Het bestuur is gerechtigd dit reglement te wijzigen.

Dit reglement is vastgesteld in de vergadering van het bestuur d.d. 3 maart 1998 en treedt in werking op 1 mei 1998